In de wolken, maar met beide voeten op de grond:
CLOUD COMPUTING

Gartner omschrijft cloud computing als het fenomeen waarbij een aanbieder via het internet aan zijn klanten een individueel aanbod aan rekencapaciteit of dataverwerking ter beschikking stelt. Het onderzoeksbureau voorspelt dat cloud computing in de komende jaren ons informaticalandschap grondig zal hertekenen en een totaal nieuw tijdperk inluidt voor de manier waarop we omgaan met software.

Hype of realiteit? In de praktijk lopen de meningen echter nogal uiteen als het over de impact van cloud computing gaat. Bovendien worden fenomenen als Software as a Service (SaaS), Service Oriented Architecture (SOA) en Utility Computing, vaak over dezelfde kam geschoren. Tijd om één en ander op een rijtje te zetten. Wij spraken met Luc Van de Velde (LVDV), Director Developer & Platform Group bij Microsoft, over cloud computing… of hoe je in de wolken kan zijn over een nieuwe trend, terwijl je toch met beide voeten op de grond blijft.

Hoe kan je de impact van cloud computing best omschrijven?

LVDV: Eigenlijk maken we de opkomst mee van een totaal nieuw bedrijfsmodel. Je kan het best vergelijken met de gevolgen van de opkomst van de stoommachine tijdens de industriële revolutie. Oorspronkelijk investeerden de bedrijven die het zich konden veroorloven, elk in hun eigen stoommachine om elektriciteit te kunnen produceren, zoals wij vandaag individueel servers en software aankopen om aan onze informaticabehoeften te voldoen. Thomas Alva Edison realiseerde zich echter dat zijn grote uitvinding, de gloeilamp, maar een commercieel succes kon worden als iedereen toegang had tot goedkope elektriciteit. Hij nam dus een patent op het distributiesysteem en het idee om de stoommachine te gebruiken als industriële elektriciteitscentrale die meteen iedereen zou kunnen voorzien van elektriciteit.

Vandaag staat de IT-sector, die nog heel jong is, voor een gelijkaardige revolutie: de industrialisering heeft ook hier haar intrede gedaan. Terwijl bijna iedereen tot nu toe investeerde in z’n eigen minicentrale - een eigen netwerkinfrastructuur, eigen servers en opslagcapaciteit - ,kunnen software en rekencapaciteit nu ook via het internet aangeboden worden door een centrale aanbieder. Regelmatig hoor je dan ook over ‘utility computing’ spreken.

Is cloud computing geen oude wijn in nieuwe zakken?

LVDV: Allicht verwijs je naar het vroegere ASP model (Application Service Provider). Maar waarom heeft ASP het niet massaal gehaald in zijn oude vorm? In de eerste plaats omdat de markt er niet klaar voor was. De typische KMO-bedrijfsleider meende dat zijn bedrijfsinformatie veiliger stond bij hem op een server dan bij een externe provider. Maar in realiteit springen KMO's en zelfs beursgenoteerde bedrijven vaak zeer lichtzinnig om met bedrijfskritische informatica: de beveiliging laat te wensen over, het nemen
van back-ups wordt stiefmoederlijk behandeld en men werkt met verouderde softwaretoepassingen. Terwijl iedereen het normaal vindt dat men iedere 20.000 km met zijn wagen op onderhoud moet, is die reflex vaak nog niet ingebouwd wat ICT betreft…

Wat pleit in het voordeel van cloud computing?

LVDV: Eén van de meest voor de hand liggende voordelen van cloud computing, is dat gebruikers op ieder moment en vanaf iedere plek via het internet kunnen gebruikmaken van toepassingen die altijd up-to-date zijn, terwijl de veiligheid verzekerd is. Ook financieel heeft het een
positieve impact: een deel van wat vroeger kapitaalsinvesteringen waren - de aanschaf van servers, softwarelicenties en de kosten voor systeembeheer - , kan je nu als ‘operating expenses’ boeken: je betaalt een maandelijks bedrag dat afgestemd is op je individuele behoeftes. Iedere maand kan je meer of minder gebruikers afnemen, capaciteit gebruiken wanneer het nodig is of zelfs de service tijdelijk helemaal stopzetten. En bij de update van nieuwe versies kan flink bespaard worden op de workload: de software moet immers niet op individuele servers geïnstalleerd worden, maar wordt gestuurd vanuit één centrale plaats.

Zullen bedrijven in de toekomst dan al hun servers overboord gooien?

LVDV: Neen, zo'n vaart zal het zeker niet lopen. Het gaat over de manier waarop je software en rekencapaciteit tot bij de eindgebruiker brengt, en we zien dit nu al naar gemengde omgevingen evolueren. Belangrijk is hier dat bedrijven de vrije keuze moeten hebben om te kiezen voor de formule die het beste past: ‘on-premise’ toepassingen waarbij de software op een eigen server staat; ‘hosting’ waarbij
hun toepassing op een server bij een externe provider geïnstalleerd wordt; en tenslotte ‘Cloud Computing’ waarbij je betaalt voor IT capaciteit of het gebruik van software als dienstverlening door een centrale aanbieder. Voor specifiek lokale behoeften, zoals ‘file & print’ zullen KMO’s met hun eigen servers blijven werken, maar voor andere bedrijfsapplicaties zal het ‘Software as a Service’ (SaaS) model interessanter blijken: doordat een aanbieder een applicatie naar een grote hoeveelheid klanten stuurt, kunnen belangrijke schaalvoordelen bereikt worden en zijn toepassingen die voordien een zware investering vormden, voortaan veel toegankelijker voor een KMO.

Welke strategie hanteert Microsoft om hierop in te spelen?

LVDV: Microsoft gelooft dat de toekomst uit gemengde omgevingen zal bestaan: wij noemen dat ‘Software plus Services’. De strategie van Microsoft is eigenlijk om bedrijven voor hun hele ICT-omgeving de vrije keuze te laten: van basisinfrastructuur, over componenten zoals
bijvoorbeeld email en communicatie, tot afgewerkte oplossingen zoals CRM. In het ‘Software plus Services’ concept onderscheiden
we drie belangrijke componenten: Software as a Service (SaaS), Web 2.0 en Services Oriented Architecture. De eerste component, SaaS, gaat over de manier waarop je een toepassing tot bij de gebruiker brengt, als een vorm van dienstverlening.

Hoe ziet Microsoft Web 2.0 als onderdeel van Software plus Services?

LVDV: Geleidelijk aan worden steeds meer functionaliteiten van ‘social networking’ geïntegreerd binnen toepassingen en op allerlei devices. Denk maar aan diensten als Windows Live Services, waar oa. Live Messenger deel van uitmaakt, en die als een service worden
aangeboden. Een belangrijke uitdaging van het hele Web 2.0 gebeuren wordt natuurlijk het commercieel leefbaar maken van het achterliggende business model. Diensten die voorheen misschien tegen betaling aangeboden zouden worden, kunnen vandaag gratis beschikbaar zijn en via een advertentiemodel worden gefinancierd: denk maar aan Facebook bijvoorbeeld. Je zou aan Ryanair een
voorbeeld kunnen nemen: deze viegtuigmaatschappij is in staat om bijna gratis vluchten aan te bieden omdat ze andere bronnen van inkomsten heeft gevonden via advertenties en zelfs een tombola op de vluchten.

Er wordt ook vaak over Services Oriented Architecture (SOA) gesproken. Hoe plaatst u dit?

LVDV: SOA is de derde component van het Software plus Services concept, naast SaaS en Web 2.0. Microsoft benadrukt de noodzaak van interoperabiliteit en daarmee het gebruik van open standaarden als ondersteuning van Software plus Services. SaaS oplossingen in de
vorm van online diensten worden steeds vaker geïntegreerd met klassieke bedrijfsoplossingen. Op basis van een Service Oriented Architecture (SOA) bouw je samengestelde applicaties waarin traditionele software, online supply chain modules, collaboration tools en sociale media met elkaar praten en zelfs naadloos in elkaar overgaan. SOA verwijst dus naar de manier waarop je een softwaretoepassing opbouwt.

Onlangs werd Azure aangekondigd. Kan u hier meer over vertellen?

LVDV: Microsoft heeft zowel de ‘building blocks’ als de afgewerkte producten in huis. Of een toepassing nu ‘in the cloud’ draait, of enkel diensten ervan gebruikt, men heeft steeds een betrouwbaar applicatieplatform nodig. Miljoenen ontwikkelaars maken vandaag al gebruik
van het Microsoft applicatieplatform, het .NET Framework en de Visual Studio ontwikkelomgeving. Het Azure Services Platform (Azure) laat hen toe om met dezelfde kennis en kunde ook ‘cloud’ toepassingen te ontwikkelen. Azure wordt gekenmerkt door een open architectuur,
waardoor ontwikkelaars de vrije keuze hebben om te werken aan toepassingen en hybride oplossingen waarin online en traditionele componenten gecombineerd worden. Azure omvat verschillende componenten, waaronder het besturingssysteem Windows Azure, Windows Live Services, .NET Services, SQL Services, SharePoint Services en Dynamics CRM Services.

Bovenop dit platform biedt Microsoft een aantal kant-en-klare toepassingen aan. Het Windows Live gamma is gericht naar de particulier en wordt via een advertentiemodel gefinancierd: iedereen kent al Windows Live Messenger, maar in de toekomst krijgen we ook een online versie van Office, Office Live, dat gratis zal zijn voor de eindgebruiker. Het Windows Online gamma richt zich dan weer tot de professionele gebruiker met een IT afdeling. Vanaf dit voorjaar bieden we op die manier bijvoorbeeld professionele e-mail of communicatie-oplossingen aan zoals Exchange Online of SharePoint Online.

Welke gevolgen heeft deze strategie voor het Partnermodel van Microsoft?

LVDV: Ik maak graag de vergelijking met wat gebeurde bij de overgang van analoge naar digitale fotografie: doemdenkers voorspelden het einde van de fotografiemarkt, er zou geen geld meer verdiend worden met fotografie, enz… Maar wat merk je vandaag? Nog nooit kon je op zoveel plaatsen een fototoestel kopen als vandaag. Nog nooit werden er zoveel printafdrukken gemaakt van foto’s. Bedrijven die zich aan de nieuwe markt hebben aangepast, zijn nu succesvoller dan ooit in de fotografiemarkt. Hetzelfde geldt voor informaticabedrijven. De grootste verandering zit in de manier waarop toepassingen tot bij de eindgebruiker gebracht worden, maar diezelfde eindgebruiker heeft nog altijd de expertise nodig van de informaticapartner bij het maken van de juiste keuze, de implementatiefase, bij de opleiding en bij de ondersteuning achteraf.

Wat onderscheidt de aanpak van Microsoft van die van andere softwarebedrijven?

LVDV: Je kunt niet anders dan vaststellen dat het Microsoft platform wijd verspreid is. Vandaag brengen wij dit platform ook online, maar vanuit de filosofie: ‘the power of choice’. Wij laten de keuze aan de klant. Vandaag al kunnen Microsoft Dynamics klanten kiezen of ze
hun bedrijfstoepassing bij hen op een server willen geïnstalleerd zien of op een externe server bij een provider. Steeds meer klanten vragen ons naar deze ‘hosting’ optie. De virtualisatietechnologie maakt het voor de provider mogelijk om zijn servercapaciteit uit te breiden zonder hiervoor de software opnieuw te moeten installeren.

Er duiken ook steeds meer online diensten op die kunnen geënt worden op Microsoft Dynamics. Zo biedt Porthus een online toepassing om goederen te dedouaneren, terwijl Trendstop een online dienst heeft waarmee je vanuit Microsoft Dynamics online financiële informatie kan opvragen over een bedrijf. De complexiteit van een ERP- of CRM implementatie wordt er dus niet minder om, wel integendeel. De informaticapartner is met zijn expertise dus belangrijker dan ooit.

© 2009 Lemarco